19 januari 2015

Zomerscholen effectief instrument tegen zittenblijven

Zomerscholen worden vanaf 2015 structureel ingezet tegen zittenblijven. Het kabinet heeft 9 miljoen euro beschikbaar gesteld aan CNV Onderwijs en de VO-raad om via zomerscholen het doubleren tegen te gaan. De honderden miljoenen die daarmee bespaard worden, kunnen als investeringen in de kwaliteit van het onderwijs worden ingezet. Het CPB heeft berekend dat zittenblijven de schatkist jaarlijks 500 miljoen euro kost. 

Vanaf 1 februari 2015 kunnen middelbare scholen zich inschrijven om leerlingen die bijgespijkerd moeten worden toch te bevorderen. Sommige leerlingen hebben met ziekte te maken gehad, met vervelende privéproblemen of zij kunnen met wat extra aandacht voor een of twee vakken in een kleinere groep juist wel een voldoende halen. Zittenblijven betekent dat een leerling ook de vakken over moet doen waar voldoende op gescoord werd, waardoor herhaling demotiverend kan werken. De docent bepaalt welk instrument wordt ingezet en of een leerling wordt bevorderd.

Op 22 januari vindt een informatiebijeenkomst plaats bij CNV Onderwijs voor scholen die erover nadenken met een zomerschool te starten. De coördinatie van de zomerscholen ligt in handen van de VO-raad en CNV Onderwijs.

Zomerscholen: historisch overzicht
2012: CNV Onderwijs lanceert via de Telegraaf een plan tegen zittenblijven door zomerscholen.

2013: VO-raad en CNV Onderwijs starten eerste pilot gefinancierd door OCW (85% van de zittenblijvers wordt alsnog bevorderd).

2014: CNV Onderwijs en de VO-raad houden tweede pilot met regionale arrangementen en een onderzoek naar effectiviteit en duurzaamheid. In het tweede jaar wordt 86% van de zittenblijvers alsnog bevorderd.

Eind 2014: onderzoek door de Rijksuniversiteit Groningen laat zien dat zomerscholen een effectief middel is tegen zittenblijven. Van de leerlingen die twee jaar zijn gevolgd vanaf het moment dat zij een zomerschool hebben gevolgd, blijkt 75% de schoolloopbaan te kunnen vervolgen zonder te doubleren.