9 juni 2019

Nieuwe trend: laat leerlingen elkaars toetsen nakijken

Foto: Miriam van der Hoek

Nooit meer toetsen nakijken, maar die taak voortaan overlaten aan de leerlingen zelf. Klinkt als een droom, nietwaar? Maar volgens de best ‘wakkere’ Frans Droog, docent aan het Wolfert Lyceum in Bergschenhoek, kan dat prima. ‘Sterker’, zegt hij in Schooljournaal, ‘leerlingen leren beter en onthouden de lesstof langer wanneer zij elkaars toetsen beoordelen en bespreken.’

De keren dat ikzelf vroeger als leerling andermans werk mocht beoordelen, was ik meestal óf veel te lief óf veel te streng. Zo sprak ik louter in superlatieven tijdens de lessen handvaardigheid, wanneer mij gevraagd werd wat ik van de werkjes van klasgenoten vond. Alles was altijd ‘prachtig’, ‘geweldig’ en ‘net echt’. Zelfs wanneer zo’n vingerverftekening of asbak van klei in werkelijkheid niet om aan te zien was. Ik was veel te bang dat ook maar het kleinste beetje kritiek als een boemerang zou terugkeren. En dat medeleerlingen ook míjn frutselstukjes flink door de mangel zouden halen.

Later, als student journalistiek, schoot ik juist volledig in een andere kramp. Er destijds van overtuigd dat het binnenharken van de Pulitzerprijs slechts een kwestie van tijd zou zijn, hakte ik met een wel erg botte bijl in op de verhalen van anderen. Stukken gingen meer rood dan zwart retour. Een klassiek geval van jezelf overschreeuwen om mogelijke eigen tekortkomingen te verhullen. Ego en eigenbelang zaten een objectieve beoordeling danig in de weg.

Geen hoge cijfers

Iets waar de leerlingen van het Wolfert Lyceum in Bergschenhoek duidelijk geen last van lijken te hebben. Bepaalde klassen kijken daar al geruime tijd elkaars toetsen na. En in tegenstelling tot wat je zou denken, gaat dat wonderwel goed. Het regent in ieder geval niet automatisch hoge cijfers. De tieners tonen zich strenge doch rechtvaardige controleurs.

Precies zoals docent Frans Droog gehoopt had. Al jaren probeert hij zijn leerlingen op allerlei manieren meer verantwoordelijk te maken voor hun eigen leerproces. Zo s hij initiatiefnemer van de grassroots-bewegingen (activisme aan de basis, red.) EdcampNL, MeetUp010, MeetUpNL en EduHackathonNL, waar eerkrachten elkaar laagdrempelig ontmoeten om van en met elkaar te leren. Daarbij is hij zeer geïnteresseerd in het toepassen van technologie of nieuwe onderwijsmethodes in de dagelijkse praktijk. Dus toen hij op een dag een tweet voorbij zag komen, waarin Iris Driessen, docent Nederlands op het Hyperion Lyceum in Amsterdam, het idee opperde ‘om leerlingen voortaan elkaars werk te laten nakijken’, was hij direct gegrepen.

Vertrouwen krijgen

‘Allereerst, omdat ik een hekel heb aan nakijken’, grapt Droog. ‘Maar ook omdat ik wel zin had in een experiment. Voorheen werkte ik als moleculair bioloog. Ik ben het dus wel gewend om hypotheses te testen. Bijvoorbeeld dat als je leerlingen vertrouwen geeft, je dat ook terugkrijgt. Maar ook dat zij meer opsteken van elkaars werk beoordelen en becommentariëren mdan leerlingen die alleen studeren voor een goed cijfer.’ Zijn voorzichtige conclusie, na zo’n drie jaar proefdraaien: dat zijn lessen biologie, natuurkunde, scheikunde en wiskunde sinds de introductie van deze zogenoemde ‘nakijkcommissies’ inderdaad beter beklijven. Beter dan in het oude systeem, zegt hij. ‘Een leerling die een paar dagen voor zijn proefwerk begint met stampen, is veel van die info de dag erna alweer vergeten. Wat nog is blijven hangen wanneer ze de toets een week of twee weken later terugkrijgen, is vaak minimaal. Nabesprekingen hebben op zo’n moment weinig nut meer. Alles wat ik dan nog op het proefwerk schrijf, slaan ze toch niet op. Meestal gebruiken leerlingen die lessen enkel om te zien of er nog wat punten te sprokkelen zijn.’

Dynamische leermethode

Zonde van de tijd, vindt Droog, zowel voor hemzelf als voor de leerling. Maar bovenal, weinig efficiënt. Dan is het nakijken van elkaars werk een meer effectieve leermethode. Dynamischer ook. ‘Bij mij werkt het als volgt: als leerlingen de klas binnenkomen voor een toets, zien zij vijf namen op het bord staan. Zij vormen ie dag de nakijkcommissie. Ook zij hebben gewoon geleerd voor de toets, maar deze maken ze niet in de klas. Dat doen ze in een ander lokaal, met gebruikmaking van het boek. Zij maken samen het nakijkmodel en moeten ook discussiëren. Waarom is een bepaald antwoord wel of niet goed? Naar die discussie luister ik en ik kijk uiteindelijk het nakijkmodel na.’ Simpel? Dat zou je denken. Maar dan ken je de proefwerken van de meeste middelbare scholieren nog niet, lacht Droog. ‘Want wat doe je bijvoorbeeld als je het handschrift niet kunt lezen? Of als er zoveel antwoorden zijn doorgekruist en opnieuw ingevuld dat het moeilijk kiezen is welke nu de juiste is. Daarbij, hoe gedetailleerd moet een antwoord zijn om een (extra) punt te scoren? Groeit gras sneller, omdat koeien simpelweg poepen, of omdat er voedingsstoffen in hun mest zitten die het gras zijn groeispurt geven?’

Minder snel vergeten

Die discussies gaan soms diep, geeft hij toe. Maar een dag later, wanneer de toets wordt besproken, is het de commissie die bepaalt wat goed of fout is. En dat gaat prima. ‘Leerlingen accepteren meer van elkaar dan van mij. En ze hebben meer begrip voor de docent, omdat ze zien hoe moeilijk het is om die toets goed na te kijken, en de uitkomst daarvan te verdedigen.’

Maar het meest waardevolle vindt Droog dat leerlingen aangeven het geleerde minder snel te vergeten. Belangrijk, zien ook Bor, Floris, Isa en Sanne uit 4 vwo in. Dankzij de nakijkcommissie hoeven zij minder vaak hoofdstukken te lezen en herlezen voor herhaaltoetsen. Wel zo fijn, zegt Floris. ‘Een nachtje blokken op een paar hoofdstukken, is nog wel te overzien. Maar voor het examen is meer nodig dan dat. De nakijkcommissie is een leuke manier om je de stof eigen te maken.’

Tips voor het invoeren van een nakijkcommissie

  • Leg goed uit wat het doel is: meer, beter, langer en effectiever leren
  • Betrek leerlingen bij je plannen en doelen
  • Plan een toetsbespreking zo snel mogelijk, liefst in de volgende les
  • Zijn er geen keuze-uren beschikbaar op jouw school? Vraag  een collega eventueel om de toets in diens les na te kijken

tekst: Ilja Post