2 maart 2018

Minimumleeftijd alcoholgebruik teruggebracht naar 14 jaar

nepnieuwsJe bent dit artikel nu waarschijnlijk aan het lezen omdat de kop prikkelde. Er klopt gelukkig niets van. Dit artikel gaat over nepnieuws en dan vooral over hoe je het kunt herkennen. Daar houdt Ruurd Oosterwoud zich mee bezig, met zijn Platform DROG. Hij ontwierp een game en workshop om jongeren kritischer te krijgen… door ze zélf nepnieuws te laten maken.

‘Naja, ze geloven het gewoon!’ Marit kijkt met grote ogen naar de berichten die op haar telefoon binnenstromen. Ze heeft zojuist haar zelfverzonnen artikel (‘Snapchat stopt ermee’) vanaf de speciaal aangemaakte website The Dutch Post gedeeld, via whatsapp aan vrienden. Om haar heen slaken haar klasgenoten uit gymnasium 2 van het Willem van Oranje College in Waalwijk dezelfde soort kreten boven hun telefoons en tablets: ‘Bizar!’ en ‘Ze happen bijna allemaal!’.

 ‘Bizar! Ze happen bijna allemaal!’

Internettrollen

Twee uur eerder kregen de leerlingen van DROG-trainer Marije Arentze instructies voor de workshop Zelf Nepnieuws Maken. De klas is vandaag in het Haagse Museum voor Communicatie. Ze zitten in een raamloos lokaal in het pas verbouwde gebouw. Een ruimte die zeker door zou kunnen gaan voor het hoofdkwartier van een stel internettrollen. ‘Welkom!’, leidt Arentze in. ‘Je wordt vandaag journalist en gaat straks een nepartikel schrijven en verspreiden in je eigen netwerk. Zijn jullie er klaar voor?’

Gemanipuleerd

Zelf nepnieuws verspreiden. Daar gaat het om vandaag. Dat lijkt tegenstrijdig met het doel van de workshop, maar volgens DROG-oprichter Ruurd Oosterwoud werkt het. ‘Je kunt leerlingen lastig interesseren voor een les over hoe ze met journalistiek om moeten gaan. En als je voorbeelden gaat geven van welk bericht wel en welke niet te vertrouwen is, dan meng je je eigenlijk al in een inhoudelijke discussie’, legt hij uit. ‘Wat wij met deze workshop willen bereiken, is om leerlingen kennis te laten maken met de wereld achter nepnieuws. Zodat ze zelf doorkrijgen wat fout is en hoe ze gemanipuleerd worden. Waarom trappen we allemaal in clickbait? Waarom zijn mensen zo makkelijk te bedonderen? En hoe kunnen we nepnieuws nou écht leren herkennen?’ nepnieuws

Femke Halsema

Als de berichten online gaan, zetten leerlingen er zelf nog wat reacties bij onder verschillende namen. En dan begint het delen op social media en het afwachten.
En dat is hard nodig. Oosterwoud: ‘Ongeveer tien procent van wat ik voorbij zie komen op social media is twijfelachtig “nieuws”.’ Maar het gaat niet zo zeer om losse nieuwsberichten die niet kloppen, vertelt hij. ‘Meer om hoe gemakkelijk je geloofwaardigheid kunt creëren door manipulatie. Iemand kan het bericht “Femke Halsema bestaat niet echt” online slingeren. Volkomen bizar natuurlijk, maar stel er staat iets in als: “niemand kan het tegendeel bewijzen”, als quote van een zelfverzonnen expert, één of andere universiteitsbobo. Als er dan heel veel likes verschijnen onder dit bericht, ga je zelf bijna twijfelen aan de echtheid ervan. We proberen dát concept herkenbaar te maken voor jongeren met deze workshop.’

Duizenden vrienden

Je kunt namelijk likes kopen en er zitten soms robots achter Facebookaccounts die van een persoon lijken te zijn, leren de leerlingen. En ook dat je tien jaar oude accounts met duizenden vrienden gewoon van mensen kunt kopen. Je kunt je dan als die persoon voordoen en vanaf dat account allemaal gekke berichten verspreiden. Oosterwoud: ‘Je kunt zelfs een professionele mediawebsite kopiëren, zoals die van de Volkskrant en daarvanuit nepnieuws verspreiden op social media.’

Extra dag weekend?

De leerlingen tikken ondertussen druk hun artikelen op de tablets. Paul Brink, hun leraar Duits, gluurt mee over hun schouders. Hij heeft de leerlingen opgegeven voor de workshop. ‘Ik hoop echt dat het ze bewuster maakt’, zegt hij. ‘Onze “God” Google mag niet zo groot en machtig zijn als ie nu is…’ Een groepje leerlingen naast hem schrijft gniffelend: ‘Overheid stemt vóór plan extra dag weekend’, en een paar andere leerlingen aan een andere tafel tikken: ‘Instagramposts gaan geld kosten!’ Trainer Arentze tipt nog: ‘Verzin een expert, een professor van een bekende universiteit bijvoorbeeld. Of laat een fake ooggetuige verhaal doen. Dat is geloofwaardiger.’

‘Ik snap nu pas hoe snel een fake bericht zich kan verspreiden’

Zó makkelijk

Als de berichten daarna online gaan op The Dutch Post zetten leerlingen zelf nog wat reacties eronder op de website. Steeds onder verschillende namen, zodat het lijkt alsof allerlei mensen hebben gereageerd. Zoals: ‘Dit is ongelofelijk!’ en ‘De regering liegt gewoon!’. En dan begint het delen op social media en het afwachten. De telefoons van de leerlingen staan binnen no time roodgloeiend door appjes van vrienden. En binnen tien minuten laat trainer Arentze de klas zien dat één van de nepnieuwsberichten al 181 views heeft. ‘Ik snap nu pas hoe snel een fake bericht zich kan verspreiden’, verzucht Anne boven haar tablet. ‘Dit is zó makkelijk, en die website ziet er gewoon hartstikke professioneel uit.’ En klasgenoot Zebi verontwaardigd: ‘Je kunt likes gewoon kopen! Dat wist ik echt niet. Nu neem ik dit soort berichten ook echt niet meer serieus hoor…’ 

Meer weten over de workshop Zelf Nepnieuws  Maken? Kijk dan op www.wijzijndrog.nl.

Tekst: Anouk van der Graaf  Foto: Petja Buitendijk