12 november 2019

Flitspeiling: Geld moet naar eenmalige uitkering

Breda, 6 november. Foto: Erald van der Aa

Een meerderheid van ruim 80 procent van de leden van CNV Onderwijs die werkzaam is in het primair onderwijs geeft de voorkeur aan een eenmalige uitkering. Dat blijkt uit een korte flitspeiling van de bond  onder haar leden over de vraag waar de extra €150 miljoen bestemd voor de arbeidsvoorwaarden aan besteed moet worden.

Jan de Vries, waarnemend voorzitter van CNV Onderwijs: ‘In het convenant dat we onlangs sloten waardoor €460 miljoen  voor dit en komend schooljaar vrijkomt, is een bedrag gereserveerd van 150 miljoen voor arbeidsvoorwaarden in het PO. Dat geld is nog dit kalenderjaar beschikbaar. De besteding daarvan wordt meegenomen in de cao-gesprekken.’

Driekwart van de respondenten heeft een voorkeur voor één vast bedrag voor iedereen. Dit bedrag is afhankelijk van het aantal uur dat per week wordt gewerktt. Een kwart ziet liever een bedrag in procenten, gerelateerd aan de hoogte van het bruto loon.

De Vries: ‘Dankzij deze peiling is onze inzet duidelijk, we gaan voor een eenmalig bedrag op de rekening van alle leraren, schoolleiders en onderwijsondersteuners. Het convenant dat gesloten werd tussen de vakbonden, werkgevers en minister Slob betreft een eenmalig bedrag. Daarom hebben we in datzelfde convenant opgenomen dat onze wens blijft dat structurele problemen vragen om structurele oplossingen. Dat structurele geld moet er komen, dat is zeker en daar blijven we ons voor inzetten. Maar voor nu willen we zo snel mogelijk een cao afspreken, waardoor iedereen in het primair onderwijs een extra bedrag op zijn rekening krijgt.’