22 januari 2018

Column-“Mijn suggestie voor het woord van het jaar 2018: plofklasverbod.”

 

esther singerDoor Esther Singer

Het woord van het jaar 2017 werd niet nepnieuws, genderneutraal of weigeroma, maar plofklas. Plofklas volgt Brexit en sjoemelsoftware op met de nodige twijfelachtige eer die daarbij komt kijken.

Vanaf welk aantal is een klas een plofklas? Ik zeg 30. Zo stond ik eens voor een plofklas-XL met maar liefst 34 kinderen. Dan merk je dat er simpelweg te weinig ruimte is. Een tweetal kinderen wilde heel graag met de trein spelen, maar alle hoeken en speelmatten waren al vol. Met pijn in het hart suggereer je het duo dan maar als vierde en vijfde deelnemer bij de blokken aan te schuiven; of aan de tekentafel- waar nog één stoeltje aangeschoven zou kunnen worden.

Tijd om de jassen aan te doen. Uiteraard in etappes, anders is het te vol en te druk bij de kapstok. Eenmaal buiten moet er veel ‘samen spelen, samen delen’ geregeld worden, want de karren en de schommel zijn permanent bezet en hebben een virtuele wachtrij van ongeveer vijf kinderen. Natuurlijk is het niet erg als ze leren op hun beurt te wachten (en oefenen met tellen tijdens het wachten op de schommel kan ook geen kwaad), maar het is gewoon veel fijner voor de kinderen als ze meer aandacht en tijd van de leerkracht krijgen. En voor kleuters, dat ze wat vaker met het door hen gekozen materiaal aan de slag kunnen.

“Heb ik ieder kind wel even gesproken, geholpen of op een andere manier persoonlijke aandacht kunnen geven?” 

Gymmen met 34 kleuters is al helemaal een uitdaging op zich. Voordat je naar de gymzaal kunt gaan is het eerst zaak dat alle kinderen zich omkleden, hopend dat er genoeg ‘oudsten’ zijn die zichzelf vlot kunnen redden en de ‘jonkies’ kunnen helpen, voor zover mogelijk. (Tip voor in de schoolgids aan nieuwe ouders: geef uw kind geen gymschoenen met veters mee als zij zelf nog niet kunnen strikken!)

Soms vraag ik mij af: is dit nog wel verantwoord? Bijvoorbeeld als ik handjes vast moet houden bij de wipwap, en een van de jongsten spontaan hoogtevrees krijgt bovenaan de kippenladder in het wandrek en dit met de nodige decibellen laat horen. Ik heb twee handen, wat betekent dat 32 kinderen alsnog zichzelf moeten redden, of moeten wachten. Eigenlijk is het een wonder dat er geen gewonden zijn gevallen.

Aan het eind van de dag ga ik de leerlingenlijst na: heb ik ieder kind wel even gesproken, geholpen of op een andere manier persoonlijke aandacht kunnen geven? Nee, een aantal heeft dit niet gehad. Die staan voor morgen bovenaan het lijstje. Hadden er tien kinderen minder in de groep gezeten, dan was het me waarschijnlijk wel gelukt.

Mijn suggestie voor het woord van het jaar 2018: plofklasverbod.