11 oktober 2018

IN NIEUWSTE EDITIE SCHOOLJOURNAAL: Aanpak lerarentekort vraagt om samenwerking

foto: Kjell Postema

‘Ik maak me grote zorgen over de druk op het zittende personeel door het groeiende leraren- en schoolleiderstekort in primair en voortgezet onderwijs en in het mbo.’ Volgens CNV Onderwijsvoorzitter Loek Schueler zijn er gelukkig veel positieve initiatieven om het tij te keren en om te gaan met deze ongemakkelijke situatie.

Waarom is CNV Onderwijs niet ook weggelopen bij de recente gesprekken met minister Slob, toen duidelijk werd dat er geen extra geld voor salaris beschikbaar zou komen? Moeten de bonden niet eens een gezamenlijk, duidelijk statement maken?

Schueler: ‘Laat ik voorop stellen dat we blijven strijden voor meer geld om een eerlijk loongebouw te krijgen. Dat is op de lange termijn echt nodig om een aantrekkelijke sector te zijn en te blijven. Dit overleg ging over het huidige tekort. En het is echt niet zo, dat als er ineens miljoenen beschikbaar zouden komen, meteen een paar blikken leraren en schoolleiders kunnen worden opengetrokken. Door met de bewindslieden in gesprek te blijven, zorgen we dat er aangepakt wordt, de regio de ruimte krijgt en dat er geen besluiten over onderwijspersoneel buiten ons om worden genomen. Onze lijfspreuk is Jij bent er voor anderen. Wij zijn er voor jou. Dat betekent dus ook aan de onderhandelingstafel zitten in politiek Den Haag. Ik vind het mijn werk, om te zorgen dat het overleg gaat over de huidige problemen. Daarvoor zijn mensen ook lid van CNV Onderwijs en daar loop ik niet voor weg.’

 Omdat we van het kabinet niks meer hoeven te verwachten, moeten scholen het zelf maar oplossen?

Schueler: ‘Nee, zeker niet. Maar we kunnen de kop niet in het zand steken of het direct van ons bordje schuiven. Want dagelijks hebben onze leden en hun collega’s een mega dilemma: hoe bieden wij goed onderwijs met de situatie zoals die is? En ik ben nu al bezorgd over wat er bij de eerste grote griepgolf gaat gebeuren, omdat er in een groot deel van Nederland nu al geen invaller meer te vinden is.’

 Er zijn veel initiatieven in het land, maar het schiet alle kanten op. Van vierdaagse schoolweken tot ongekwalificeerde zij-instromers die direct de verantwoordelijkheid over een klas krijgen. Zijn er eigenlijk wel kwaliteitschecks gedaan?

Schueler: ‘Ja, natuurlijk, want niemand in het onderwijs wil concessies doen als het gaat om goed onderwijs. Maar ik hoop dat ook duidelijk is, dat alle voorbeelden noodverbanden zijn. Dat doet pijn. Ik hoor vaak tijdens werkbezoeken op scholen dat het aan mensen knaagt als er hand is. Wij vinden het een slechte zaak als er duidelijk sprake is tekort wordt geschoten. Maar ja, dat is wel wat er in volle omvang aan de van het inboeten aan kwaliteit. Wij vinden bijvoorbeeld dat onderwijsassistenten niet zo maar alleen voor een groep mogen worden gezet. Zij zijn geen leraar. Eerder heb ik mijn zorgen al geuit over lio’ers die te vroeg de volle verantwoordelijkheid krijgen. Zij zijn nog aan het leren! Maar de nood is hoog en ik zie ook dat schoolleiders soms niet anders kunnen dan het doen van deze noodgreep.’

Wat vind je van de suggestie van de Onderwijsraad voor een landelijke taskforce tegen de lerarentekorten?

Schueler: ’Ik stond niet bepaald te juichen toen ik over het voorstel voor het optuigen van een taskforce hoorde. Niemand zit te wachten op een bestuurlijke praatsessie over het probleem. Wij zijn die fase allang voorbij. Waar ik wel aan deel wil nemen is een “doe force” met ruimte voor onze betrokkenheid bij de vele regionale initiatieven die er al zijn. De knelpunten die daaruit naar voren komen, moeten worden weggenomen en eventueel landelijk worden besproken. Dan lossen we met elkaar de dagelijkse dilemma’s in de scholen op.

Zou je deelnemen aan het overleg van zo’n taskforce?

Schueler: ‘Het tekort is nu, er zijn nú problemen. Die lossen niet als sneeuw voor de zon op. Dat is keihard werken en vraagt het nemen van bestuurlijke hobbels. Mijn rol is dat de regio aan de slag kan en de signalen van de werkvloer over te brengen en knelpunten te agenderen. En niet onbelangrijk: te waken voor verkeerde oplossingen.’

Ondertussen is het PO-front uiteengevallen. CNV Onderwijs heeft sindsdien geen acties meer aangekondigd. Is de focus nu helemaal verlegd naar de lokale initiatieven?

Schueler: ‘Nee, we gaan landelijk zeker nog van ons laten horen. Vooral richting politiek. Het onderwijs moet weer een aantrekkelijke sector worden om in te werken. We kunnen gaan werven tot we een ons wegen, maar als onvoldoende mensen het zien zitten om voor de klas te staan, blijven de personeelstekorten groeien waar we bij staan. Dit betekent ook dat we op moeten komen voor ons vak. We moeten het niet laten uithollen door nieuwe maatschappelijke problemen die klakkeloos op het bordje van het onderwijs worden geschoven. Dat geldt ook voor onnodige administratieve verantwoording en andere rompslomp. Het kost energie en leidt af van de idealen waarom mensen voor het lesgeven hebben gekozen. Met dat voor ogen gaan we verder de boer op en daarbij heb ik de input van alle leden hard nodig, want dit geluid moet blijven klinken.’

tekst: Femke Kolsteren/Peter Magnée